top of page
  • Youtube
  • Black Facebook Icon
  • Black Instagram Icon

Weefselexpander en Implantaat: Borstreconstructie in Twee Fasen


Een reconstructie met een implantaat is een veelgebruikte manier om uw borst op te bouwen na een borstamputatie. Vooral als u de langere operatie en het zwaardere herstel van een reconstructie met eigen weefsel liever vermijdt. Dit kan direct of later. Bij deze aanpak komt er eerst een weefseloprekker (tissue expander). En daarna een echt implantaat. Zo herstelt de chirurg de vorm en het volume van uw borst.

In twee stappen: van oprekker naar implantaat

De meest gebruikte aanpak met een implantaat gaat in twee stappen. Uw borst wordt zo over een paar maanden langzaam opgebouwd.

Stap 1: de weefseloprekker plaatsen

Bij de eerste operatie plaatst de chirurg een tijdelijk implantaat: de weefseloprekker. Die komt onder uw borstspier te liggen. En soms ook onder de overgebleven huid. Bij een latere reconstructie is de huid vaak strakker. Zeker als u bestraald bent.

De chirurg maakt eerst ruimte onder uw borstspier. Hij maakt de spier deels los van uw ribben. De lege of half gevulde oprekker komt in die ruimte. Soms gebruikt de chirurg extra steunmateriaal (een matrix) aan de onderkant. Daarna sluit hij de wond, vaak via uw bestaande litteken.

De operatie duurt meestal 1 tot 2 uur. De meeste vrouwen gaan dezelfde dag naar huis, of na ƩƩn nacht. Drains blijven 7 tot 14 dagen zitten. Die voeren wondvocht af.

Het oprekken

Na het eerste herstel (meestal twee tot drie weken) begint het oprekken. Dat gebeurt op de polikliniek. De chirurg maakt de huid schoon. Hij prikt met een dunne naald door de huid in een ventiel van de oprekker. En hij vult de oprekker met zout water. Zo rekt de huid langzaam op.

De meeste vrouwen voelen na elke vulling wat druk of spanning. Maar pijn is er bijna niet. De zenuwen in de borst zijn bij de borstamputatie immers weggehaald. Het strakke gevoel zakt meestal binnen ƩƩn tot twee dagen weg. Het hele oprekken duurt meestal zes tot acht weken. Dat hangt af van de maat die u wilt en hoe snel uw huid oprekt.

"Het oprekken viel me mee. Elke vulling gaf een dag of twee wat druk en spanning, maar geen echte pijn. Bij elke vulling voelde ik me weer wat meer mezelf. Mijn borst kreeg stukje bij beetje weer volume." — Susan, 52, koos achttien maanden na haar borstamputatie voor een oprekker-reconstructie.

Stap 2: de oprekker vervangen door een echt implantaat

Als het oprekken klaar is en het weefsel tot rust is gekomen (meestal 1 tot 3 maanden na de laatste vulling), volgt een tweede operatie. De chirurg haalt de oprekker eruit via dezelfde snee. Hij past de ruimte zo nodig aan. En hij plaatst het echte implantaat. Tegelijk kan hij ook extra dingen doen, zoals eigen vet inbrengen (lipofilling).

Deze operatie duurt meestal 1 tot 2 uur. U gaat vaak dezelfde dag naar huis. Het herstel gaat vlotter dan na de eerste operatie. De meeste vrouwen pakken na twee tot drie weken hun gewone dingen weer op.

Welke keuzes heeft u na het oprekken?

Als het oprekken klaar is en het weefsel tot rust is gekomen, heeft u verschillende keuzes:

  • De oprekker vervangen door een echt implantaat. Dit is de meest gebruikte keuze. Met de kortste operatie en het snelste herstel.

  • De oprekker vervangen door uw eigen weefsel, in plaats van een implantaat. Dat kan een mooi resultaat geven. De huid van de flap blijft namelijk verborgen onder uw eigen huid.

  • Een combinatie van een implantaat met eigen weefsel. Soms is dit de beste manier om het volume en de vorm te bereiken die u wilt.

  • De expander zonder vervanging laten verwijderen, als u besluit om af te zien van verdere reconstructie.

De oprekker en bestraling

Onderzoek laat zien dat een oprekker en bestraling samen risico's geven. Bij 20 tot 25 procent van de vrouwen ontstaan problemen. Denk aan meer kans op een infectie of op kapselcontractuur (het litteken trekt strak om het implantaat). Daarom raden veel teams iets anders aan als u bestraling krijgt. Bijvoorbeeld direct een echt implantaat. Of een latere reconstructie, na de bestraling.

Bent u bestraald en kiest u toch voor oprekken? Dan gaat dat vaak langzamer en met kleinere vullingen. Soms haalt de oprekker niet het volume dat zonder bestraling wel zou lukken. De chirurg kan dan eigen vet inbrengen om de huid te verbeteren. Soms maakt bestraald weefsel het oprekken onmogelijk. Dan past een reconstructie met eigen weefsel beter.

Wat betekent dit voor een MRI?

Veel oprekkers hebben een magnetisch ventiel. Daardoor kan een MRI-scan tijdelijk niet veilig. Dat kan lastig zijn tijdens uw kankerbehandeling en controles. Er bestaan ook oprekkers zonder magneet. Maar die heeft niet elk ziekenhuis. Verwacht u een MRI nodig te hebben? Bespreek dit dan met uw team vóór de oprekker geplaatst wordt.

In ƩƩn keer een echt implantaat

Direct een echt implantaat plaatsen is bij een latere reconstructie ongewoon. Maar er zijn tussenoplossingen. Een goede optie is een combinatie-prothese, zoals de Becker. Die bestaat deels uit siliconengel en deels uit een kamer die u met zout water kunt vullen. Het vullen gaat via een klein slangetje bij de oksel. Als de juiste grootte is bereikt, haalt de chirurg het slangetje weg via een kleine snee. De prothese blijft dan als vast implantaat zitten. Zo combineert deze aanpak het oprekken en het implantaat, in minder operaties.

Welk implantaat: silicone of zout water?

Bij een modern implantaat heeft u keuze. Implantaten met siliconengel voelen natuurlijker aan en bewegen mooier mee. Nieuwere, stevige varianten (de 'gummy bear'-implantaten) houden hun vorm, zelfs als de buitenkant scheurt. De meeste vrouwen kiezen silicone. Het is zacht en lijkt het meest op echt borstweefsel.

Implantaten met zout water (saline) zijn gevuld met steriel zout water. De buitenkant is wel van silicone. Een lek is makkelijker te zien, want de borst loopt dan zichtbaar leeg. Sommige implantaten met een ruwe buitenkant krijgen nu extra aandacht. Ze hebben mogelijk een verband met een zeldzame vorm van lymfeklierkanker (BIA-ALCL). Het risico is laag. Maar dit heeft in sommige landen wel geleid tot strengere regels.

Het herstel na een reconstructie met implantaat

Na het plaatsen van de oprekker heeft u 3 tot 7 dagen wat last. Daar helpt pijnstilling op recept bij. Drains blijven tot 14 dagen zitten. Houd uw arm zes weken rustig en til hem niet boven uw schouder. Belast de borstspier zes weken niet. Dus niet tillen, geen hond uitlaten en niet stofzuigen. Licht werk kan na twee tot drie weken. Uw gewone dingen pakt u na vier tot zes weken weer op.

Tijdens het oprekken voelt u na elke vulling wat druk. En u ziet uw borst over de weken langzaam groter worden. Na de wissel naar het echte implantaat gaat het herstel rustiger. Reken op ƩƩn tot twee weken. Na twee tot drie weken bent u terug in uw ritme. Het eindresultaat ziet u na twee tot drie maanden, als de zwelling weg is.

Past een reconstructie met implantaat bij u?

De keuze tussen een implantaat en eigen weefsel hangt van veel dingen af. Van uw situatie, uw voorkeur en uw dagelijks leven. Denk aan hersteltijd, littekens en wat u op de lange termijn wilt. Een reconstructie met implantaat heeft een kortere operatie, een sneller eerste herstel en geen extra litteken op een andere plek. Het past goed bij vrouwen die een eenvoudigere operatie willen.

Aan de andere kant moet een implantaat later misschien vervangen worden. En na bestraling is het resultaat minder goed te voorspellen. Uw plastisch chirurg helpt u de voor- en nadelen op een rij te zetten. Samen kiest u de aanpak die het beste bij u past.

Veelgestelde vragen over de oprekker en het implantaat

Hoe lang duurt het hele traject met een oprekker?

Het hele traject duurt meestal vier tot zes maanden. Elke ƩƩn tot twee weken heeft u een afspraak voor een vulling met zout water.

Is het plaatsen van een oprekker pijnlijk?

De meeste vrouwen voelen wat last, vooral een strak gevoel. Het vullen geeft kort ongemak. Dat verdwijnt meestal binnen een dag.

Hoe lang gaan borstimplantaten mee?

Moderne implantaten zijn sterk, maar niet voor het leven. Vaak wordt een vervanging na 10 tot 20 jaar overwogen.

Kan ik een implantaat krijgen na bestraling?

Bestraling kan een reconstructie met implantaat lastiger maken. Soms raadt uw chirurg dan een reconstructie met eigen weefsel aan, voor een beter resultaat.

Geschreven door Dr. Mahyar Foumani, plastisch en reconstructief chirurg gespecialiseerd in borstreconstructie. Gebaseerd op het boek "Borstreconstructie Uitgelegd."

Opmerkingen


Neem Contact Op
Verbind met ons
Beleid
Abonneren

Dr. M. Foumani, MD

Facebook

Instagram

Youtube

Algemene Voorwaarden

Privacybeleid

Toegankelijkheidsverklaring

Breastreconstructionsurgeon.com

Ā© 2026 Borstreconstructie Chirurg

bottom of page